Drempelvrees

 door William Wilbers 


Je kunt tegenwoordig geen woonwijk meer in rijden of je komt ze tegen: verkeersdrempels. Ook op veel doorgaande wegen binnen én buiten de bebouwde kom wordt een groeiend aantal van dit soort irritante hindernissen opgeworpen om de snelheid uit het verkeer te halen. Je hebt ze ondertussen in alle soorten en maten: kort, lang, hoog, laag, steil, vlak, van asfalt, van kunststof, van beton, en ga zo maar door. Maar ze hebben allemaal één ding gemeen: het zijn irritante en vooral overbodige rot-obstakels.

Toegegeven: de snelheid gaat er inderdaad goed uit, maar verder veroorzaken drempels alleen maar overlast, ongemak en ellende. Ellende voor de omwonenden (een remmende en weer optrekkende auto maakt meer herrie dan een rustig voortpruttelende wagen, en produceert naast meer lawaai ook meer uitlaatgassen). Ellende voor de chauffeur en inzittenden (remmen, hutsen, butsen en weer gas geven), en ellende voor de auto zelf (vering, schokbrekers en wielophanging krijgen de nodige klappen). Die ellende is het misschien allemaal nog waard als de betreffende drempel ook een daadwerkelijk doel zou dienen, bijvoorbeeld bij een gevaarlijke kruising, een zijstraat of een oversteekplaats. Negen van de tien drempels worden echter vaak gewoon ergens midden op een straat neergekwakt met als enige doel de automobilist praktisch tot stilstand te dwingen. Het lijkt wel alsof dat les één uit het boek voor verkeersplanners is: neem een straat en pleur er lekker wat drempels op!

Vorige week reed ik ’s avonds door een Oerlese woonwijk die bezaaid is met een arsenaal aan drempels. In de loop der jaren zijn de meeste van die krengen gelukkig flink platgewalst door het verkeer – fors afremmen is dus niet meer nodig. Enfin, rij ik daar vrolijk in het donker, verlangend naar mijn warme nestje, en opeens: knal! En vervolgens: pruttel, proest, kreun, en stil stond mijn auto... oliecarter aan gort gereden. Op een drempel die door de gemeente weer in de oorspronkelijke hoge staat was hersteld! Alleen waren ze doodleuk vergeten om de reflecterende verf te vernieuwen, en ook een tijdelijk waarschuwingsbord wegens de gewijzigde verkeerssituatie was blijkbaar teveel gevraagd… De schade: 350 euro, exclusief sleepkosten. Reclameren bij de gemeente had geen nut, zo bleek een dag later uit mijn telefonische klaagzang. “Die drempels liggen daar met een reden. U dient zelf in te schatten welke snelheid u dient te voeren”, was het antwoord op mijn vruchteloze verzoek tot schadevergoeding. Inschatten ammehoela, dan moet je ze wel eerst zíen!!!

Mijn punt is het volgende: automobilisten moeten aan allerlei voorwaarden voldoen en worden daarbij keer op keer op kosten gejaagd. APK-keuring, roetfilter, katalysator, milieutoeslag, kwartje van Kok: ik vind het allemaal prima. Maar waarom zijn er geen regels voor al die hindernisgeile, straatverneukende en van elk gezond verkeersverstand gespeende planologen en ambtenaren? Waarom kunnen zij naar believen verkeersdrempels neerkwakken waar ze willen, en hoeven die drempels níet aan bepaalde eisen te voldoen? Gelijke monniken, gelijke kappen. Laat elke drempel inclusief waarschuwingssignalen en verkeerstechnisch nut jaarlijks verplicht keuren. Afgekeurd? Overbodig? Nutteloos? Van de straat ermee!!!

Reageer