Een heer van (bij)stand

 door Koos Werkeloos 


Als langdurig werkeloze heb je vroeg of laat de pech dat je WW-uitkering afloopt en je terugvalt naar de bodemloze put die bijstand heet. Al val je niet vanzelf: die bijstandsuitkering moet je natuurlijk wel eerst ‘even’ aanvragen. Tegenwoordig kan niets meer zonder dat er een lading formulieren aan te pas komt waarin naar gegevens wordt gevraagd die al sinds jaar en dag bekend zijn. Maar goed, er gloort hoop aan de horizon: moest je vroeger je bijstandsuitkering aanvragen bij de Gemeentelijke Sociale Dienst, tegenwoordig schijn je dit als ex-WWer bij het CWI te kunnen doen. Wel zo handig: dezelfde instantie, hetzelfde kantoor, dezelfde mensen, hetzelfde computersysteem… met een paar tikken op het toetsenbord is het allemaal zo geregeld, toch? Nee dus. Bij mij ging het zo:

- Ik bel vol goede moed 0900-9294, het informatienummer van het UWV. Tegen lokaal tarief nog wel, tjonge, da’s boffen. Maar goed, de vriendelijke dame weet van wanten: “Ja meneer, dat klopt. U belt gewoon uw lokale CWI-kantoor en dan kunt U een afspraak maken.”

- Ik bel het lokale CWI-kantoor. De eerste keer neemt er niemand op, maar ach, die mensen moeten ook hun boterhammetje eten, ook al is het drie uur ’s middags. Vervroegde Cup-a-Soup-tijd zullen we maar zeggen. Een kwartier later heb ik wel prijs. Alhoewel, prijs… “Nee meneer, om een afspraak te maken dient U persoonlijk langs te komen, met medeneming van uw paspoort.” Ik zeg dat dit nogal onzinnig is, daar ik al lang in het systeem sta en een buskaartje me van het toetje voor vanavond berooft. Ik kan mij toch bij de afspraak zelf identificeren? Maar nee, ik en mijn paspoort moeten toch echt eerst zelf langs komen, jammer maar helaas.

- Een dag later reis ik naar het CWI, en na een kwartier op mijn beurt te hebben gewacht stap ik monter naar de balie met mijn winnende wachtnummer. Een afspraak a.u.b… “Sorry meneer, maar uw paspoort is verlopen. Zonder geldig paspoort kan ik geen afspraak voor U maken”. Mijn paspoort is inderdaad een paar weken verlopen, maar het gezicht op de foto lijkt onmiskenbaar op met mijn eigen verongelijkte tronie, en bovendien heb ik datzelfde paspoort bij de aanvraag voor een WW-uitkering gebruikt en is er toen een kopie van gemaakt die vast nog wel in mijn dossier zit. Het lijkt me dat ik best alvast een afspraak kan maken en dat ik dan daarbij dan mijn nieuwe, van geldigheid blakende paspoort laat zien. “Nee meneer, dat kan niet. Regels zijn regels.” Einde gesprek. Ik draai me dus maar weer om, richting fotograaf en stadhuis, en bestel een nieuw papiertje voor de lieve som van 35 Euro. Ook dat nog.

- Een week later is mijn nieuwe paspoort klaar en zet de bus me weer voor het CWI af. Na een half uur te hebben gewacht (een oudere heer kon maar niet snappen waarom hij tegenwoordig eigenlijk weer sollicitatieplicht had, terwijl de baliemedewerkster doodleuk bleef volhouden dat ze gezien zijn leeftijd niks voor hem kon doen) is het eindelijk mijn beurt, toevalligerwijs bij hetzelfde pc-eendje als de vorige keer. “Waarom meldt U zich nu pas, meneer?” Omdat mijn paspoort verlopen was, weet je nog wel, dwaze muts? “O. En wie is uw consulent?” Euh… geen flauw idee: ik heb er een stuk of vijf versleten en nog nooit twee keer dezelfde persoon gesproken. Gelukkig spuwt het systeem na een moeizame zoektocht zowaar een naam uit. Eureka. Blondie wijst: “Die meneer daarachter is uw consulent. U had hem overigens ook gewoon kunnen bellen om een afspraak te maken, maar ik zal U zijn nummer geven, dan kunt U dat alsnog doen.” Gewoon kunnen bellen? Alsnog doen? Ik krijg jeuk op allerlei ongezonde plekken, maar hou me met moeite in en vraag of ik die afspraak nu niet even kan maken, aangezien mijn (mij volslagen onbekende) consulent tien meter verderop een allesbehalve actieve indruk maakt. “Nee meneer, uw consulent heeft zo meteen vast een afspraak. U kunt hem later bellen. Hier heeft u zijn nummer.”

Enfin, ik ben dus recht tegenover die kommaneukende PC-eend op een bank gaan zitten, heb mijn GSM tevoorschijn gehaald en het betreffende nummer gedraaid. Meneer de consulent nam meteen op en maakte binnen een minuut een afspraak met me. Ze zag het, ze hoorde het. Ik kon me nog net bedwingen om niet mijn broek te laten zakken en de voltallige balie mijn werkeloze harige reet te laten zien. Maar ja, werkelozen hebben al zo’n slechte naam, dus toch maar niet. Eenmaal thuis heb ik nog even wat research op de site van het CWI gedaan. Artikel 2 lid 4 van de Klachtenregeling CWI zegt: “Voor het indienen van schriftelijke klachten stelt CWI op een voor iedereen zichtbare, toegankelijke en bereikbare plaats een klachtenformulier beschikbaar.” Ik heb er geen gezien. Maar voor de volgende keer stel ik de deze procedure voor:

- Ik bel het lokale CWI-kantoor. Een vriendelijke telefoniste neemt op, hoort mijn verhaal aan en zegt: “Ik zal even kijken wie uw consulent is, dan verbind ik U door en kunt U met hem een afspraak maken”.

Is dat nou zo moeilijk???



Reageer